Kennelijk onredelijk ontslag: art. 7:681 BW

De arbeidsovereenkomst van de werknemer is wegens bedrijfseconomische redenen opgezegd. De werknemer beroept zich op kennelijk onredelijk ontslag op grond van het gevolgencriterium. Zonder ontslag had de werknemer binnen twee jaar gebruik kunnen maken van de mogelijkheid van vroegpensioen. De kantonrechter oordeelt dat gezien de leeftijd van werknemer, huidige economische situatie en eenzijdige werkervaring het onwaarschijnlijk is dat werknemer elders werk zal vinden. Het beroep op ‘habe nichts-habe wenig’ wordt verworpen. Herstel van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen, nu de functie van de werknemer is komen te vervallen. De kantonrechter schat de inkomens- en pensioenschade op € 150.000,-.

Bron: www.rechtspraak.nl: Rechtbank Haarlem 6 mei 2010, BM5897

(09062010)

 

Terug