Proeftijdontslag in strijd met WGBH/CZ. Art. 7:652 BW; 4 en 9 WGBH/CZ

De arbeidsovereenkomst van de werknemer is met een beroep op het proeftijdbeding beëindigd voor aanvang van de proeftijd omdat de werkgever niet verzekerd is tegen arbeidsongeschiktheid van een werknemer. Werknemer beroept zich op de vernietiging van de opzegging wegens strijd met de Wet Gelijke Behandeling/Chronisch Zieken. De kantonrechter oordeelt onder verwijzing naar de rechtspraak (HR 10 november 2000, JAR 2000/249 (Triple P/TAP) en HR 13 januari 1995, NJ 1995, 430, (Codfried/ISS))dat de werkgever onderscheid heeft gemaakt wegens vermeende chronische ziekte. Volgt toewijzing van de vordering.

Bron: www.rechtspraak.nl: Rechtbank Utrecht 21 mei 2010, BM5297

(09062010)

 

Terug